115. Dag en Nacht, Ger de Joode



  • Genre: Schilderij.
  • Afmetingen: 75 x 75 x 5.
  • Creatie: 1982.
  • Medium: Acrylverf op hout.
  • Stijl: Geometrische abstractie.
  • Verworven: 2000 Koop.

Het oppervlak is verdeeld in 625 vierkanten (25 x 25 cm) met een ribmaat van 3 cm. Op de vierkanten zijn om en om passende vierhoekige prisma\s geplaatst met een hoogte van 12 mm. Links onderin zijn de vierkanten wit en rechts bovenin zwart. Daartussen verloopt de kleur van wit naar zwart, van licht naar donker, van dag naar nacht. Er zijn 24 verschillende tinten grijs gebruikt. ”Het begin van Dag en Nacht ligt tijdens mijn opleiding bij Berend Hendriks in het begin van de 70’er jaren in Arnhem. Berend Hendriks confronteerde mij met de mogelijkheden van reeksmatige kleurtoepassingen in verschillende wetmatige rasters. De opdracht was na te gaan hoe en onder welke condities veranderingen in die rasters gerealiseerd kunnen worden. Tijdens het werk aan de opdracht ontdekte ik dat het groeperen van helderheidsreeksen veranderingen in kleur en helderheid tot gevolg heeft. Dat kleuren elkaar beïnvloeden was me uit de kleurenleer van Itten duidelijk, maar de ontdekking dat krachtige veranderingen optreden als gevolg van reeksmatig kleurgebruik was een openbaring. Pas na mijn studie heb ik de draad van Dag en Nacht weer opgepakt. Het reliëf Dag en Nacht is het uiteindelijke resultaat van zoeken en proberen, van intuïtie en toepassen van het ontdekte: de meest geschikte vormsoort, de maten van de vormen en uiteindelijk de hoogte en lengte van de grijsreeksen, toegepast in verschillende richtingen”.

In 2000 ontmoete Jan Verhoef Ger de Joode en zijn werk omdat hij exposeerde in het Podium voor Experimentele kunst in Woudrichem. Ik was zeer gefascineert door het werk Dag en Nacht. Dat Ger een geboren ‘Woekumer’ is, was een plezierige bijkomstigheid.

De kunstenaar:  ”In de werkelijkheid ontdek je allerlei procesmatige, zo niet wetmatige zaken en veranderingen, waarbij niet gezegd is dat alles voorspelbaar is. Integendeel. De overgang van dag naar nacht is zo\’n proces. Je hoeft niet op verschillende continenten en in verschillende klimaten dit proces ondergaan te hebben om te weten dat elk verloop van de 24 uren(evenals de 24 gebruikte grijstinten) anders is. Het enige dat redelijk zeker is, is dat licht en donker elkaar op bepaalde (veranderende) tijden afwisselen. De gradaties daartussen zijn onvoorspelbaar, onverwacht, subtiel, indrukwekkend. Een zomerochtendstond in het Geuldal – zo omstreeks 04.00 uur als ik de forellen achter de schubben zit- is compleet anders dan diezelfde ochtendstond beleven zittend op de stadsmuur van Woudrichem, uitkijkend over de rivier. Wat wellicht wel gelijk is, is het ongrijpbare, onvoorspelbare moment van de verandering van donker naar licht (en omgekeerd). Die momenten heb ik proberen te begrijpen en vast te leggen”.


Comments are closed.