André Klukhuhn – Kandinsky en de abstracte kunst


Vorige pagina   Inhoudsopgave  Volgende pagina


Wassily Kandinsky, Munchen Schwabing met Ursulakerk, 1908.Olieverf op karton. 68,8 x 49 cm. Afbeelding gekanteld.

Kandinsky en de abstracte kunst als ongezochte vondst.
Wassily Kandinsky keerde op een middag in 1908, na buiten wat getekend te hebbn, in gedachten verzonken terug in zijn atelier en had toen een merkwaardige ervaring. Na de deur te hebben geopend zag hij ineens een schilderij van onbeschrijfelijke lieflijkheid en fonkelende schoonheid tegen de muur staan. In een verslag daarover schreef hij: ‘Als aan de grond genageld staarde ik ernaar. Het schilderij had helemaal geen onderwerp, er was geen enkel object te zien. Het bestond alleen maar uit heldere kleurvlakken. Pas toen ik dichterbij kwam, zag ik wat het was: mijn eigen schilderij dat op zijn kant stond en het werd me op dat moment duidelijk dat mijn schilderijen geen afbeeldingen van objecten nodig hadden; ze werden er zelfs minder van. ‘Uit deze gebeurtenis blijkt dat Kandinsky’s aanzet tot de abstracte schilderskunst in belangrijke mate uit toeval is geboren en beschouwd kan worden als een typisch voorbeeld van serendipiteit: het vermogen van een goed voorbereide en zoekende geest om bij toeval onverwachte en verrassende ontdekkingen te doen. En juist in dit vermogen ligt de overeenkomst tussen ontwikkelingen in de kunst en in de wetenschap, omdat ook verreweg de meeste belangrijke ontdekkingen in de wetenschap niet hebben plaatsgevonden na langdurig systematisch onderzoek, maar op een serendipistische wijze tot stand zijn gekomen.

Dr. André Klukhuhn, cultuurfilosoof, studeerde fysische chemie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij was verbonden aan het Studium Generale in Utrecht. Naast zijn wetenschappelijke activiteiten werkte hij voor de vpro-radio en schreef columns en essays. Zijn belangrijkste publicatie is De geschiedenis van het denken. Filosofie, wetenschap, kunst en cultuur van de oudheid tot nu (Uitgeverij Bert Bakker 2003, hernieuwde versie in 2008 onder de titel Alle mensen heten Janus. Het verband tussen filosofie, wetenschap, kunst en godsdienst).

Vorige pagina  Inhoudsopgave  Volgende pagina


Comments are closed.